Voorstraat 125 | Column
102
archive,category,category-column,category-102,ajax_fade,page_not_loaded,,select-theme-ver-3.4,wpb-js-composer js-comp-ver-4.12.1,vc_responsive
 

Column

ABBA(H)

Count your blessings instead of sheep, dat advies gaf de jazzzangeres haar publiek, na een persoonlijke introductie op deze titel. Het is zo’n zinnetje wat in alle simpelheid bruikbaar is op die momenten als het even tegenzit.
Welke zinnen spelen er door het hoofd van politici die nu een half jaar vruchteloos aan het formeren zijn?
Waarmee rekenen zij zich rijk?
LEES MEER

Fietsvakantie-inzichten

Welke inzichten doe je op tijdens een fietsvakantie?
Deze zomer fietste ik samen met mijn lief de Maasroute, deze loopt van Hoek van Holland naar de bron van de Maas, 30 kilometer boven Langres. Vandaaruit heb je nog een mooi gedeelte tot aan Merz langs de Moezel.

1. Accepteren
Je kunt de weersomstandigheden niet beïnvloeden, wel je stemming.

2. Ogenschijnlijk kleine dingen doen ertoe
Zo verwonderde ik me tijdens een koffiepauze over een bijzonder crematie-aanbod op de menukaart: BBQ en laatste groet mogelijk.
En wat te denken van de eerste slok van een biertje aan het eind van een inspannende dag.
Ook niet te versmaden: je uitstrekken op een (hotel)bed na een aantal nachten kamperen.
Bewondering voor het vakmanschap van een fietsenmaker, wat jezelf niet opgelost krijgt fikst hij in een handomdraai.

3. Het komt goed
Problemen lossen zich uiteindelijk op. Dat geldt vooral voor technische problemen. Zo blijkt bij gebrek aan smeerolie voor de fietsketting olijfolie een goed alternatief. Voor mentale fietsproblemen, zoals ‘zware benen’ op een dag met onoverkomelijk veel klimmetjes, geldt regel 1.

4. Fietsen is als het leven zelf
Een fietstocht kent pieken en dalen. Het is niet overal zo vlak als in ons land.
Altijd maar vlak lijkt aantrekkelijk, maar na een stevige klim volgt altijd een gelukzalige daling.
Bestaat geluk vanwege de tegenhanger tegenslag?

5. In de beperking schuilt kwaliteit
Fietsen zorgt voor vertraging. Je neemt de omgeving in je op.
Je ziet een dode vos in een greppel, volgt een spiedende buizerd, ervaart een regenbui, geniet van een simpele eenpansmaaltijd.

6. Er is één zekerheid
Er is altijd water te vinden op een kerkhof
Een broodnodig weetje, want regelmatig eten en drinken voorkomt een hongerklop.

7. Leef op de manier die bij je past
Doe wat bij je past: een zorgvuldige planning vooraf over de route, verblijfplaatsen of de dagelijkse bestemming af laten hangen van hoe de fietsdag verloopt. Wat natuurlijk ook kan is om het juist tijdens een vakantie eens anders te doen. Weg met de controledrang, niet steeds al dat geïmproviseer. Doe wat je prettig vindt.

8. De reis is belangrijker dan het doel
Misschien wel een van de meest geciteerde vanzelfsprekendheden. In ons geval reden we onze bestemming simpelweg voorbij.
De oorsprong van de Maas was onder constructie en is in wezen een onopvallend markeerpunt.

9. De kaart is niet de werkelijkheid
Dingen veranderen. Een omleiding kan boeiender zijn dan de aangegeven route. Soms ben je weg van de omleiding.
Blijven kijken is het devies. Het regent ook nooit de gehele dag, al doet buienradar je dat soms geloven.

10. Fietsen draagt bij aan je vertrouwen in de mensheid
Er wordt vaak gesproken over het belang van de menselijke maat.
Contacten onderweg, bij pech of op zoek naar een winkel of overnachting, zijn vaak allerhartelijkst.

Hier, op dit eiland

 

Hier, op dit eiland
-Dordrecht ten tijde van corona-

Hier, op dit eiland,
dat sinds lang geen eiland meer is:
drie bruggen, twee tunnels,
heb ik alles zich af zien spelen
wat zich op aarde maar afspelen kan.

In dit kleine pannenkoekplatte driehoekje
tussen Willemsdorp, Kop van ’t Land en Groothoofd.

  1. Buddingh’

 

Wethouder Peter Heijkoop wilde ‘iets’ doen als bedankje voor mensen in de zorg, het onderwijs en de handhavers in de stad. Hij benaderde Mariska Wagner en Jan-Dirk Costeris van Stichting Maatschappelijk Betrokken Ondernemen. Zij op hun beurt vroegen mij om voor dit boek de verhalen op te tekenen. Zo ben ik op bezoek geweest, een enkele keer digitaal,  bij 29 personen vanuit verschillende achtergronden en beroepen. Zij staan symbool voor wat Dordtenaren de afgelopen coronaperiode met elkaar hebben beleefd. Het boek is 8 juli in Kunstmin in aanwezigheid van een groot aantal zorgverleners en geïnterviewden gepresenteerd. Mijn terugblik op dit bijzondere rondje Dordt doe ik aan de hand van kenmerkende uitspraken van de geïnterviewden, die ook in het boek te vinden zijn.
LEES MEER

Het Nederlands elftal en de toeslagenaffaire

Wanneer heb je voor ’t laatst iets voor het eerst gedaan? Deze zin stond een tijdlang groot afgebeeld op een billboard bij het station. Het is zo’n zin die je doet stilstaan bij de vraag wat er precies wordt bedoeld. Mijn antwoord op deze vraag is nu: regelmatig ’s morgens tussen acht en halfnegen baantjes trekken in een buitenbad. Mijn destijds op de mavo behaalde zwemdiploma blijkt geen garantie voor een vlekkeloze schoolslag. ‘Waar heb jij zwemmen geleerd?’ vat ik toch op als een enigszins suggestieve vraag. De kwaliteit van mijn schoolslag mag de pret niet drukken. Het zij zo. Interessant van dit ochtendritueel zijn de korte gesprekken voorafgaand aan de dagelijkse waterdoop. Zo wees iemand mij op het verband tussen de toeslagenaffaire en het Nederlands elftal. Een opmerking die je wakker schudt, nog voor het zwemwater daar definitief voor zorgt.
LEES MEER

Zijn of azijn

Heb je weleens nagedacht over wat woorden kunnen oproepen?
Je bedoelt beroepstwitteraars met haatmail.
Mensen die maar één antwoord kennen op de vraag zijn of azijn.
LEES MEER

Geen tijd te verliezen?

Als iemand zegt dat er niets aan de hand is, is er meestal iets aan de hand. Als iemand aangeeft zich niet druk te maken, is de stress meestal voelbaar. Als we zo door redeneren betekent geen tijd verliezen, dat gebrek aan tijd iets op kan leveren.
LEES MEER

Gebabbel

Talkshow host (TH): Ik verwelkom mijn gasten.
Fijn dat jullie er allemaal zijn.
Het onderwerp van vanavond zal u niet verbazen.
De lege stoel is van viroloog Drupsteen die nog onderweg is naar de studio en zo hoopt aan te schuiven.
Hoe staan we ervoor? Wie mag ik het woord geven. Roept u maar.
LEES MEER

Alfamangedrag

Onlangs leidde ik met een collega een mediationgesprek. We deden ooit samen het examen voor mediator. Zo’n examen met middelbare school visioenen. Na de start moest je, om spieken te voorkomen, op de plaats rust houden, wat betekende dat je tussentijds niet van het toilet gebruik mocht maken. Met een puntig geslepen potlood en een gummetje mocht je aan de slag met heel veel feitelijke vragen. Bij mediation helpt het om met een eenvoudige vraag te starten: Hoe maken we er een goed gesprek van?
Het lijkt zo vanzelfsprekend, maar je kunt er tijdens het gesprek indien nodig op terugkomen. LEES MEER

Kaaskraam

‘Hebben we een rij dan?’
Haar toon is verontwaardigd. Non-verbaal wordt zij ondersteund door haar man die haar bijstaat met demonstratief voor de borst samengevouwen handen en die vanwege zijn lengte op iedereen neerkijkend goedkeurend knikt, alsof hij wil zeggen:
‘Zo is het maar net.’
Zijn lengte heeft zij niet nodig om neerbuigend over te komen.
‘Ik zie geen rij, dat is voor mij een feit.’
De jongeman naast mij, geduldig al wat langer wachtend voor de door de kaasboer getrokken lijnen, heeft geen zin in gedoe. Hij kijkt mij meewarig aan, met zijn blik op zoek naar wederzijds begrip. Ook ik heb lafhartig geen zin om uit te leggen dat er diverse interpretaties mogelijk zijn over wat je onder een rij kunt verstaan.
De kaasboer laat het er echter niet bij zitten.

‘Mevrouw, u zult begrijpen dat ik mijn klanten niet het kaas van het brood laat eten.
Doe mij een plezier. Als u even wacht, bent u zo aan de beurt.‘
‘De kaas van het brood eten? U heeft er duidelijk geen kaas van gegeten’, kaatst zij gevat terug, dat moet ik haar nageven.
‘Maar goed, ik koop mijn kaas wel ergens anders’, vervolgt zij en geeft haar man een subtiel knikje.
Zelden een man zo snel van houding zien veranderen. Het ontbreekt er nog maar aan dat hij op commando salueert.
Zonder verder iemand nog een blik waardig te keuren, verlaten zij de kraam.
‘Ach meneer, Ieder kaasje heeft zijn gaatje. Dat zijn wel weer genoeg spreekwoorden voor vandaag. Wat mag het zijn?’
Onverstoorbaar glimlachend stelt de kaasboer zijn klant op het gemak.

Om je heen kijken. Even op je beurt wachten. Je verplaatsen in de ander.
Tot je door laten dringen wat je denkt en voelt, en selectief zijn in wat je zegt en doet.
Je mening soms gewoon voor je houden, ook wel aangeduid met de term selectieve authenticiteit.
Je zou bijna denken dat als dit ontbreekt dat eigenlijk de ziekte is van deze tijd.

Echt Contact

Wat heb je nodig voor een goed gesprek?
Die vraag heeft me ooit tot het boek Echt Contact gebracht en blijft me intrigeren. Ook vanuit de wetenschap dat wat je goed aan anderen kunt vertellen, je zelf het meest hebt te leren. Zo las ik afgelopen zaterdag de met enige regelmaat verschijnende karakteristieke contactadvertentie van Pier Ebbinge. Zijn relatiebureau richt zich op high end partner search. Daarmee wordt misschien bedoeld dat, krom geformuleerd, het vinden van een passende partner een heel end samen oplopen vraagt, maar high end betekent toch vooral dat hij de liefdesmakelaar is van de rijken. De in staccato geschreven aanbevelingen lezen als een gedicht, met poëtische zinnen als: niet iets ophouden dat er niet is. Soms komen archaïsche woorden voorbij, zoals bij een heer van stand, die geen blauwkous zoekt. Het is zo’n woord waarbij je te rade ( volgens de spellingscontrole is dit ouderwets taalgebruik) gaat in de grote Van Dale, waar blauwkous wordt omschreven als spotnaam voor een vrouw die geleerd is of daarvoor wil doorgaan en een zekere minachting voor huishoudelijke zaken toont. LEES MEER